In Rwanda is vandaag de officiële herdenking van de genocide van twintig jaar geleden begonnen. President Paul Kagame en secretaris-generaal van de Verenigde Naties Ban Ki-moon ontstaken ter nagedachtenis aan de ruim een miljoen slachtoffers een vlam bij het Genocide-herdenkingscentrum in de hoofdstad Kigali. De plechtigheden worden later voortgezet in het voornaamste sportstadion van Kigali, waar duizenden mensen in de avond deelnemen aan een kaarsenceremonie.
Met een week van rouw herdenkt het Midden-Afrikaanse land Rwanda de genocide van 20 jaar geleden. In 1994 vermoordden extremistische Hutu's 800.000 leden van de Tutsi-minderheid en gematigde Hutu's. De moorden begonnen na 6 april 1994, toen het vliegtuig waarin de Rwandese Hutu-president Juvénal Habyarimana, een Hutu, zat, bij de hoofdstad Kigali werd neergeschoten. Na 100 dagen kwam een einde aan de moorden, nadat het door Tutsi's geleide Rwandees Patriottisch Front van de huidige president Paul Kagame het land had veroverd.
De plechtigheid in het herdenkingscentrum werd door onder anderen de Amerikaanse VN-ambassadeur Samantha Power bijgewoond. Zij noemde de volkenmoord een 'verwoestende herinnering dat nachtmerries die onvoorstelbaar lijken, daadwerkelijk kunnen plaatsvinden'.
Onuitwisbaar trauma
Namens Nederland is minister van Buitenlandse Zaken Frans Timmermans (PvdA) aanwezig. Hij noemt de genocide een 'onuitwisbaar trauma' en een 'schandvlek in de geschiedenis van de mensheid'. Timmermans zei te hopen dat Rwanda de herdenking zal aangrijpen 'om vooruit te kijken en om zich in te zetten voor vrede, stabiliteit en welvaart in het Grote Merengebied'. Ook is het van belang dat Rwanda in eigen land meer ruimte gaat bieden voor kritiek en oppositie, zegt Timmermans.