Twee gezinsdrama’s waarbij de vrouw wordt verdacht van moord
In de Boogkerk in de Amersfoortse wijk Nieuwland kunnen wijkbewoners hun gevoelens delen over de tragische dood van een 11-jarig jongetje uit de wijk. De jongen werd vrijdag dood gevonden. Zijn moeder wordt ervan verdacht haar zoon te hebben gedood. © ANP.Een gezinsdrama in Amersfoort en een schokkende moord op een peuter in Schotland. De overeenkomsten tussen de twee zaken zijn opvallend: in beide gevallen is het vrijwel zeker dat de moeder haar kind doodde en gaat het om gezinnen met een teruggetrokken bestaan.
Moeders die hun kind ombrengen, nemen dit dramatische besluit om andere redenen dan vaders, weet forensisch psycholoog Toon Verheugt. En hoe jonger het kind, hoe vaker de moeder de dader is.
Verheugt, onderzoeksexpert op het gebied van kinderdoding, onderzocht 53 familiedrama's in Nederland. Van moeders die hun kind doden, weet hij dat zij vaak zwaar depressief of psychotisch zijn. De moeders lijken normaal te functioneren tót er iets ingrijpends gebeurt en de sluimerende stoornis in alle hevigheid explodeert. 'Denk aan een scheiding, dood van een dierbare of verlies van werk. Er is altijd sprake van een ernstig verlies,' vertelt hij.
Bij de vaders ligt het anders. Zij lijden vaker aan persoonlijkheidsstoornissen, zoals narcisme, of vertonen buitensporig impulsief gedrag. Ook bij hen is een ernstig verlies het laatste zetje om hun kind te doden, maar hun motief is anders. Vaders handelen vaker uit wraak, jaloezie en straf, weet Verheugt. En zij gebruiken vaker geweld.
Uit de statistieken van Verheugt blijkt ook dat in 64 procent van de gevallen de vrouw de dader is en 36 procent de man. De forensisch psycholoog was zelf ook verrast door deze uitkomst. 'Bij álle delicten waarvoor je strafrechtelijk vervolgd kunt worden in Nederland, heeft het percentage mannen de overhand, behalve bij kinderdoding. Daar blijkt de moeder vaker de dader. Dat wekt bij veel mensen verbazing, omdat een kind vaak het dierbaarste is dat moeders hebben. Het is in hen gegroeid en zij voelen zich vaak één met hen.'