dinsdag 19 november 2013

Jihadisten willen geen losgeld voor journalisten. Ze komen nog van pas

Een verslaggever van AFP duikt op de grond als er geschoten wordt in het Syrische stadje Maalula. © afp.


Dertig journalisten, de ene helft Syriërs, de andere helft internationale verslaggevers, zijn op dit moment ontvoerd of verdwenen in Syrië. Dat heeft het Comité ter Bescherming van Journalisten (dat zijn thuisbasis heeft in New York) deze week bekend gemaakt. Het aantal is niet eerder zo hoog geweest: zelfs niet in Irak in de jaren 2000, of in Libanon in de jaren tachtig van de vorige eeuw.

Een gevaarlijke trend is dat de jihadisten die journalisten kidnappen, geen eisen stellen voor hun vrijlating. Ze willen hen niet ruilen voor gevangenen of terugbrengen voor geld, maar houden hen vast omdat de gijzelaars wellicht in de toekomst van pas kunnen komen.

Matthew Schrier, een 35-jarige Amerikaanse fotograaf vertelde nadat hij ontsnapt was, dat zijn gijzelnemers geen eisen bij zijn familie of de Amerikaanse regering hadden neergelegd, maar hem wel om de wachtwoorden hadden gevraagd die hij op het internet gebruikte, en zijn credit-cards gebruikten om auto-onderdelen, Ray-Ban zonnebrillen, tablets en laptops te kopen.

Ze stuurden vanaf zijn eigen account emails naar de familie en vrienden van Schrier, waarin ze schreven dat hij veilig was en gewoon in Syrië aan het werk was. Zijn moeder realiseerde zich dat deze mails (die vol spelfouten zaten) nep moesten zijn en wist niet wat ze moest doen.

Volgens Schrier moet de familie van gijzelaars de hoop niet opgeven. 'Tot er bewijs is dat iemand daadwerkelijk is omgekomen, moet je er vanuit gaan dat ze nog leven', zegt hij. 'Veel mensen dachten dat ik dood was - en kijk wat er is gebeurd.'

Ontvoering stil houden
Het is tactiek om geen ruchtbaarheid te geven aan de ontvoeringen, in de hoop dat de gijzelaars snel kunnen worden gevonden of dat er binnen korte tijd een deal kan worden gemaakt met de ontvoerders. Publiciteit kan ook de hoogte van het losgeld opdrijven. Bij ongeveer de helft van de 30 huidige gevallen in Syrië, heeft de familie gevraagd de ontvoering stil te houden, aldus het Comité ter Bescherming van Journalisten.


Dat het comité toch naar buiten komt met het cijfer van 30, is om andere journalisten te waarschuwen hoe gevaarlijk het is om in Syrië te werken. 'Het bijkomende nadeel van het stil houden van de ontvoeringen, is dat nu niet bekend is op welke schaal kidnappingen in Syrië plaatsvinden', aldus Ron Mahony van de organisatie.

Dit is met name gevaarlijk voor freelancers, die in een oorlog naam proberen te maken, maar geen grote organisatie achter zich hebben staan als zich problemen voordoen. De Britse krant de Sunday Times heeft om deze reden in februari aangekondigd dat het geen foto's van freelancers meer accepteert, als niet voor vertrek al een overeenkomst met de krant is gesloten.

Te gevaarlijk om journalisten te sturen
De afgelopen maanden is het aantal nieuwe ontvoeringen kleiner geworden, maar dat komt deels doordat veel grote nieuwsorganisaties geen verslaggevers meer naar het land sturen omdat het er te gevaarlijk is. 'Het betekent wellicht dat er alleen maar minder journalisten zijn', aldus Mahony. 'Dat betekent ook dat er minder ogen en oren op de grond zijn die kunnen vertellen wat er in het land gebeurt.'

'Het is altijd de taak van journalisten geweest om risico's te nemen, en ooggetuige te zijn van onrechtvaardigheid en lijden', schrijft David Rohde, een columnist voor Reuters en voormalig verslaggever van de New York Times, diezelf zeven maanden lang in Pakistan en Afghanistan is gegijzeld. 'Dat gebeurt niet meer in Syrië. De Syriërs zitten gevangen tussen de regering en de jihadisten, en het is nu gemakkelijker voor de wereld om dit te negeren.'




Bron

Geen opmerkingen:

Een reactie posten